De Steen Vliegt

De Steen Vliegt – Beeldende Verkenning geïnspireerd door Benedictus de Spinoza

Expositie in Arti et Amicitae, Amsterdam 1997

Onder goed versta ik datgene, waarvan wij zeker weten dat het nuttig voor ons is. (Benedictus de Spinoza, Ethica, IV, definitie1)

Wanneer Famke van Wijk een beeld maakt, wil ze dat dit op ons en wij slaat. Ze maakt kunst vanuit een instelling die het algehele belang voorop stelt en probeert met haar objecten en installaties te appelleren aan universele, voor iedereen geldende waarden. Daarbij fungeren vragen als ‘Wat is het leven’, Wat is de aard van God’ en ‘Wat is rechtvaardigheid’ als katalysator.
In het hoofdwerk van Spinoza, de Ethica, wordt Van Wijk onder meer getroffen door stelling 48: ‘ln de geest is er geen absolute of vrije wil; maar de geest wordt bepaald iets te willen door een oorzaak die ook door een ander is bepaald en deze weer door een andere en zo tot in het oneindige.’
Hoe ga je om met de klemmende vraag wat vrije wil is? Van Wijks eigen stelling hierop is: ‘Mijn eigen vrije wil is te kiezen voor God, en in onontkoombaar noodzakelijk gevolg daarvan, te leven in de Natuur van zijn wil, want weten is gedachten ordenen volgens de natuur der dingen.’

Sinds haar academietijd bestudeert Van Wijk teksten van profeten, dichters, middeleeuwse scholastici, humanistische filosofen en psalmen. Opgeslagen herinneringen aan teksten zoeken vorm in beelden. Toevalligheden ontstaan, maar dat weerhoudt Van Wijk niet van een vorm van controle: zijn de bedachte verbindingen ‘goed’,  is er geen tegenspraak? Vervolgens zoekt ze naar rechtvaardiging van de beelden in de geschriften.
Het gebied van de intuïtie correspondeert voor Van Wijk weliswaar met de ware aard van de mens, maar uiteindelijk dienen de ideeën binnen het beeld ook verstandelijk met elkaar overeen te komen. Ze legt immers de nadruk op het beeld als drager van en boodschap. ‘Het sculpturale is voor mij een inhoudelijk gegeven.  Alle materie is geestelijk.’

Van Wijk heeft een persoonlijke visie op de Ethica, die zij interpreteert als een wetenschappelijke uitleg van de Bijbel. Hetgeen Spinoza op wiskundige manier via het verstand beredeneert, vertelt de Bijbel in tot de verbeelding sprekende symboliek. Daarom is het laatste geschrift uiteindelijk haar grootste referentie punt, maar beide boeken ervaart ze als een aanmoediging tot de bewustwording van het eigen denken.  ‘Je moet letterlijke en figuurlijke zaken kunnen onderscheiden, zoals je goed en kwaad uit elkaar moet houden. Er staan een heleboel feiten in de Bijbel… als je ze gelooft. ‘ (Efeziërs 6, 10-17)

In het werk van Famke van Wijk zijn de voorwerpen ‘attributen Gods’ geworden. Het grond plan voor de studie opdracht is letterlijk overgenomen uit de Ethica. Spinoza geeft daarin met behulp van een tekening van een cirkel aan, dat deze uit afzonderlijke delen bestaan die echter op hun beurt niet zouden bestaan zonder de allesomvattendheid van de cirkel. In het beeld van Van Wijk fungeert de cirkel als platform waarop de mens zich begeeft, alleen rondloopt, maar zich tevens binnen een groter plan bevindt. En zich geconfronteerd ziet met de tastbaar geworden, symbolische modi van God (Denken en Uitgebreidheid). Het zijn voorwerpen ‘voor persoonlijk gebruik’ geworden die, samengebundeld aan en sleutelhanger, met elkaar in verband staan. Je zou ze kunnen pakken: het christelijke, dubbelzijdig zwaard, een zakhorloge aan een ketting waarbinnen de projectie van het verloop van de ongrijpbare maan verschijnt in een vangnet waarmee de ongrijpbare Substantie dient te worden opgevangen. Famke probeert de totaliteit van Spinoza’s filosofie te verbeelden. ‘Wanneer je Spinoza leest, ga je jezelf constant plaatsen binnen zijn wereldbeeld. Maar binnen deze installatie kun je je eigen plaats bepalen, en net als in de Ethica (als je het aandachtig leest) kun je in de geest een open plaats creëren die de eigenlijke vrijheid van de mens laat zien.’

Een detail van het werk wordt gevormd door het zwaard: dit beeld doemde gevoelsmatig op bij Van Wijk naar aanleiding van Spinoza’s omschrijving van de emoties als het ‘knechtschap’. Pas als alle menselijke emoties begrepen worden, wanneer de meis erin slaagt zijn passieve hartstochten om te zetten in actieve, ontstaat een groeiend zelfinzicht. Dit zelfinzicht zal gepaard gaan met inzicht in de logische samenhang van de wereld en de plaats van de mess in dit verband en volgens Spinoza zal dat uiteinde lijk uit monden in een zuivere ‘intellectuele liefde’ tot alles wat bestaat. Maar voor deze gelukzalige staat wordt bereikt, zal een hevige morele strijd moeten worden gestreden. Wat denk je nu? Deze vraag die een verliefd paar eindeloos aan elkaar wil stellen, dwingt Van Wijk indirect af aan de beschouwer. Het gaat haar in eerste instantie niet om de verbeelding van het beeld, maar om de verbeelding die het beeld bij de mensen oproept. Zoals het gebruikte materiaal een middel is om tot het beeld te komen, is het beeld op zichzelf een middel om het redelijk verstand op te wekken.
Pak je in gedachten het zwaard op om allerlei aardse kwesties uit te vechten, of ben je al zover dat je de begrippen goed en kwaad boven het persoonlijk gebruik uit kunt tillen? Geeft de sleutel toegang tot gelukzaligheid?
Het verloop van de maan tikt tijdens je gedachtegang de tijd weg. De tijd die bij Spinoza geen rol lijkt te spelen. Zijn waarheid is noch aan verandering, noch aan ontwikkeling onderworpen, maar geldt voor zichzelf. Het tijdsverloop is niet meer dan een onbepaalde voortzetting’ van het bestaan. Famke: ‘Volgens Spinoza kan door het gebruik van de rede het eeuwige leven verkregen worden. Dus als je je verstand gebruikt…’

Famke van Wijk vertaalt filosofie en theologie in een beladen, maar heldere, leesbare iconografie. Haar beelden zijn puzzelstukken, rijk aan gedachten en hebben te maken met elementaire begrippen als balans, houvast en rechtvaardigheidsgevoel. Het zijn gematerialiseerde metafysische en morele vraagstukken die als hemellichamen om een goddelijke kern draaien. ‘Het mooie van Spinoza is dat hij alles wendt en keert. Daarbinnen moet je steeds in evenwicht zien te komen met je geweten en het kernpunt.’

Muriel Rive

Next Sporen van wetenschap in de kunst

Leave a comment