Menu

Verbond van Vreugd en Smart

Verbond van Vreugd en Smart (2015)

Brons, Led licht, en plexiglas-staf.

Grote trommel met lichtdrager 80 bij 80 cm.
Kleine trommel met Thorarol 50 bij 50 cm.
Jas 1 meter bij 70 cm.

Deze tekst komt uit een toespraak van Famke van Wijk tijdens de Opening van de Herdenkingstuin in Oldenzaal 10 september 2015. Ter herinnering aan de Oldenzaalse Joodse families die zijn omgekomen in de periode 1940-1945. De officiële opening werd verricht door Opperrabbijn Binyomin Jacobs.

Deze beelden zijn gemaakt ter nagedachtenis aan de Joodse bevolking van Oldenzaal en alle Joodse slachtoffers van de Jodenvervolgingen in de 2e wereldoorlog. Sleutelwoorden voor deze opdracht waren; Verbeelding-Beleving-Identiteit-Ontmoeting-Plek-Verblijf-Bewustwording-Historie-en Tolerantie. Mijn verlangen en hoop gingen uit naar het herleven van een oud Joods gebed, dat wanneer wij in de herdenkingstuin komen wij ons weer een stukje dichter bij onze geliefden kunnen voelen maar ook een stukje dichter bij de pijn en het onbeschrijfelijke leed van het Joodse volk wat we hier een plek willen geven.
Het leed moest een plek krijgen, een plek van bewustwording , een plek waar de historie van het verleden weer beleving en bewustwording kan krijgen.
Een plek waar ook ruimte is voor verbeelding en tolerantie, een plek waar we kunnen gedenken en willen verblijven.
Dit gebed heb ik in de Hebreeuwse taal (duidelijk zichtbaar) aangebracht op de onderste rand van de grootste trommel welke luid: “Moge hunner zielen worden gebundeld in het verbond van het eeuwige leven”. Welke bundeling ik heb willen verbeelden met de in elkaar grijpende torso’s. Deze tekst wordt nog steeds als gebed gebruikt, voor zowel de levenden als de doden. En wordt ook op graf en gedenkstenen gebruikt.

Het Geloof kan ons moed en wilskracht geven om te overleven, maar ook vreugde geven die we nodig hebben in zware tijden. Zo heb ik deze kenmerken van geloof die ook het geloof en de identiteit van het Joodse volk zo kenmerkt, naar voren willen brengen door middel van de Thora , de trommels en de ’Jad’.

De Jad is een aanwijsstokje, waarmee de Thora, het heilige boek van de Joden, wordt gelezen. Bij het lezen wordt de tekst gevolgd met het stokje zodat de rol, het heilige boek, niet direct wordt aangeraakt en dus symbolisch beschermd is. De Jad heeft letterlijk een klein handje aan de bovenkant van het stokje met een uitgestoken wijsvingertje om de tekst mee te volgen. Ik heb het aanwijs-stokje nog een functie mee willen geven door het handje te laten wijzen naar het licht wat er nu uit schijnt, als een verwijzing naar ons hemelse thuis en ons ‘samenzijn’ met God. De doden zijn herenigd in het licht en de “Liefde Gods”. En hoop en troost brengt , die zo hard nodig is.

De Synagoge in Oldenzaal combineerde de uitstraling van schoonheid met de geborgenheid van een schuilplaats. Waar per definitie de aanbidding plaatsvindt door de heiliging van woorden.
En door het aandachtig en eerbiedig voorlezen van de woorden van de Thora, die op die manier bewaard blijven in het hart van de mens. De Thorarollen heb ik gebruikt als symbool voor de liefde voor het leven, en de liefde voor God.
Volgens de “Nefesh”, de traditionele Joodse kijk op de ziel, is er geen verschil tussen het spirituele en het fysieke.
Volgens het Joodse geloof is de ziel een onderdeel van de fysieke én spirituele wereld van de mens.
De Jad en de grote trommel heb ik ook een fysieke én een spirituele gelijkenis mee willen geven. De Jad lijkt ook op een brush. Deze wordt gebruikt op trommels om een zacht ruisend geluid mee te maken. Dit verwijst naar de muziek die een grote inspiratiebron is in de Joodse tradities. Ik heb me laten inspireren door een mooi oud Joods gezegde dat luidt : ‘Iedereen is een instrument en ieders leven is de melodie’. Om ook de bron van vreugde, de wilskracht om te overleven, en de bron van liefde te willen uitbeelden. De beelden bezieling te geven.

Zo wordt elke dag spiritueel maar ook fysiek gedragen in een eeuwenoud geloof waar vreugde en leed (smart) samenkomen en hun beleving krijgen in de rijke Joodse tradities en cultuur.
Zo wordt bijvoorbeeld onder de ‘Choepa’ bij een Joodse bruiloft de zeven zegeningen opgezegd, de ‘Sjeva berachot’, maar daarbij moet er bij elk feest , elke ‘Simcha’ ook verdriet een plek krijgen. Symbolisch stampt de bruidegom met zijn voet een glas kapot onder de ‘Choepa’. Welke de vernietiging van de Heilige Tempel symboliseert.
De tempel, hun hogere doel, hun verlangen om bij God te zijn, op de eerste plaats gezet, en op dit moment weer heilig herdacht.
Het heeft eeuwige schoonheid als vreugde en verdriet samenkomen.
Er is muziek, de menigte wordt gek… er is vreugde!! Mazzeltof !! wenst men elkaar.
De Klezmer muzikanten zetten luid in met hun vrolijke klarinet, hun cimbalom, de vingervlugge viool, en de trommel.
Iedereen danst, ook al kan hij het niet goed, de Rabbijn begint met dansen, en danst met vuur in zijn ogen…iedereen is een instrument en ieders leven is de melodie”.

Bij de Joodse bruiloft wordt onder veel vreugde ook leed herdacht.
Maar hoe gedenk je de bron van vreugde en wilskracht om te overleven, de bron van liefde, naast zoveel vervolging en leed? Kan vreugde van een Geloof (welk geloof dat ook mag wezen ) ons verlichten boven het tijdelijke en aardse, met al zijn ontberingen en smart?
Kan de vreugde van een geloof helpen onnoemlijk leed te verwerken?
Het is waarlijk een feest als het geloof troost, vreugde en zelfs levenskracht kan schenken.
Dit heb ik willen uitbeelden met de grote en de kleine trommel. De trommel op zich staat voor vreugde en blijdschap, maar de grotere trommel krijgt een dubbele betekenis; je ziet dat er letterlijk en figuurlijk mensen met elkaar verbonden zijn.., door hun geloof verbonden in vreugd en smart. En zij dragen elkaars lasten en pijn, maar delen ook elkaars vreugde, namelijk de liefde voor God.
Zij dragen ook wel de naam “Het verbondsvolk”.

In alle strijd om als volk te overleven is Zion niet langer een poëtische metafoor, maar een verplichting, een bestemming.

Mijn hart ligt in het Oosten maar ik ben in het Westen,
hoe kan het eten mij nog smaken?
Hoe kan ik er nog van genieten ?
Hoe kan ik mijn belofte houden, en mijn eed nakomen?
Ik laat blijmoedig alle schatten van de wereld achter
als ik maar de ruïnes van Uw Tempel ( of synagoge ) kan zien…

Yehuda Halevi.

Het onbeschrijfelijke leed wat het Joodse volk is aangedaan wordt door de jas uitgebeeld.
Zij hebben letterlijk hun leven moeten achterlaten, moeten afleggen …zoals je je kleren uittrekt en achterlaat , niet wetende dat ze geen water kregen, maar het gas. Deze ontering , dit verlies, en deze pijn moet nog altijd gedragen worden, om nooit te vergeten. Zij hebben leed moeten dragen, waar wij nu nog steeds geen volledig besef van hebben. Daarom heb ik in de voering van de jas een silhouet van een gezicht verborgen.

Doormiddel van de Thora, en andere symbolische heilige teksten en geschriften, maar ik denk ook aan de vele symbolische voorwerpen zoals bijv. de ‘Menora’, alsmede hun groot geloof in God, kon het Jodendom altijd overleven en bleef zijn culturele, intellectuele en spirituele identiteit behouden.
In dit monument heb ik de tegenstelling van vreugde en pijn willen benadrukken, die tegelijkertijd aanwezig kunnen zijn in een levensbeschouwing, die samengaan in liefde en kracht.

De titel van het monument is ‘Verbond van vreugd en smart’.

Famke van Wijk.